Weerbericht

‘Geen neerslag verwacht,’ meldde de buienradar vorige week, maar toen ik naar buiten keek stortregende het en was er een flink onweer aan de gang. Goed, formeel klopte die melding: de neerslag werd niet verwacht, maar was er al. Nu is de buienradar wel vaker wispelturig. Een kwartiertje na zo’n ‘geen neerslag verwacht’ zie ik toch vaak plotseling grijze heuveltjes  verschijnen op de grafiek, als een bergetappe in de Tour de France.

Ik lees de weerberichten in de krant altijd met plezier en bewondering, hoewel, voorspellingen? Ik heb de avondkrant van de NRC en daar staat hetzelfde in als in de ochtendkrant. Dus de voorspelling betreft grotendeels  de inmiddels voorbije dag, al werd ze vroeger gedaan. De vage formuleringen zorgen ervoor dat het meestal klopt. Dat hebben weersvoorspellingen gemeen met krantenhoroscopen, exemplarische voorbeelden van nietszeggendheid waar je je geen buil aan kunt vallen.

’Perioden met zon.’ ‘Voor zondag is er ruimte voor wat zon en kan het meestal droog zijn.’ ‘Het kan overwegend droog blijven, met mogelijk mist in de nacht of vroege ochtend.’ Ja, dat kan allemaal. Wat voor weer het ook wordt of is geworden, zo’n voorspelling komt altijd uit, dankzij woorden als ‘kan’, ‘mogelijk’ en ‘meestal’, of standaardkreten als ‘overwegend droog, ‘op de meeste plaatsen’, ‘verspreid enkele buien’.
Ook ‘waarschijnlijk’ is goed te gebruiken: ‘Waarschijnlijk schampt vrijdag een volgende neerslagzone de westkust.’ En als die zone dat toevallig niet doet, dan blijft het droog. ‘Wisselvallig’ is ook zo’n handig woord, en natuurlijk het aloude ‘hier en daar een bui’.
Ik kan echt genieten van pareltjes als:  ‘Verspreid valt een aantal buien, maar tussendoor is er soms ook een gaatje voor de zon.’ En: ‘Als de mist niet optrekt, wordt het boven nul.’ Kort samengevat: ’t kan vriezen en ’t kan dooien.

Het weer en de voorspellingen ervan zijn een dankbaar gespreksonderwerp in sommige sociale situaties. Eigenlijk heb je elkaar niets wezenlijks te vertellen, maar stommetje spelen is ook wat ongemakkelijk. Steevast sloot mijn oude buuf dergelijke weergesprekjes af met: ‘Het is maar goed dat we er niets over te zeggen hebben. Er is nu al oorlog genoeg.’

Woordenschat: takkeling

Het mij tot dusverre onbekende woord ‘takkeling’ kwam ik tegen in het themanummer Uilen* van de Wildopvang Delft. Daar staat als korte uitleg: ‘een jonge uil, kan nog niet vliegen, klimt van tak naar tak in het bos, vandaar de naam’, met verderop een nadere toelichting: ‘Zodra de uilskuikens zo’n vier of vijf weken zijn, verlaten ze het nest. Ze blijven dan nog wel vaak op de takken in de buurt van het nest zitten en springen van tak naar tak. Daarom worden ze takkelingen genoemd.’

Lees verder

Kilometers maken

Alle lijstjes met schrijfadviezen bevatten de aansporing: kilometers maken. Je moet elke dag minstens een uur schrijven, dan krijg je het metier in de vingers. Dat was al zo voor het leren schrijven op de lagere school. Ik heb nog een schrift vol letters die ik netjes tussen de lijntjes heb getekend, met krullen boven en onder. Het is uiteindelijk inderdaad gelukt om een soepel handschrift te ontwikkelen, al is dat tegenwoordig niet meer zo fraai en leesbaar.

Lees verder

Alfabet: de Q

Een lastige letter: op straat kom ik hem zelden los tegen, wel af en toe in samenstellingen en namen. In zijn rubriek Tekstsnijders’ in het blad Onze Taal noemde Ronald Snijders Q de grootste loser van het alfabet’: ‘Als je Q bent en je komt niet eens voor in het woord kukuleku, waar toch drie keer de gelegenheid toe is, dan is er kennelijk geen haan die er naar kraait.’

De losse Q als landcode voor voertuigen staat voor Qatar, maar de officiële ISO-code van dit bloederige (non)voetballandje is QA. In het Nederlandse telefoonalfabet heb je de keuze uit Quirinus en Quotiënt, in het internationaal veelgebruikte NAVO-alfabet moet je het doen met Quebec.

In de wiskunde staat Q voor de verzameling van alle rationale getallen. Dat zijn alle gehele getallen plus alle breuken. Alleen schrijf je die Q dan wel met een paar extra streepjes, net zoals de andere letters waarmee getallenverzamelingen worden aangeduid (N: natuurlijke getallen, Z: gehele getallen, Q: rationale getallen en R: reële getallen).

Bekende samenstellingen met Q zijn Q-koorts en Q-anon:

Q-koorts is een bacteriële infectieziekte die kan worden overgedragen van dieren op mensen, een zoönose; een term die inmiddels iedereen wel kent van corona. De Q-koorts is echter niet van mens op mens overdraagbaar. De Q is hier afkomstig van query, oftewel vraag, omdat de oorzaak aanvankelijk onbekend was.

Q-anon is een verzamelnaam voor allerlei extreemrechtse complottheorieën. Q is het pseudoniem dat daarvoor op verschillende internetfora gebruikt wordt. Hier staat een uitermate warrige uitleg uit de spirituele hoek, waar zo ongeveer al dat soort waanideeën bij elkaar gezet zijn. Een interessante constatering vond ik overigens dat de spelfouten in tweets (met name die van Donald Trump) eigenlijk codes zijn. Dat hersenspinsel was nieuw voor me.

In de James Bond-films is Q het personage dat de held voorziet van de nieuwste technische gadgets. Q is hier niet zijn naam, maar zijn functie. Hij is namelijk de quartermaster of kwartiermeester. Dat is slim bedacht, want dan kan de rol probleemloos worden vertolkt door verschillende acteurs.

En ten slotte had je vroeger de kinderserie Q&Q, die volkomen aan mij voorbij is gegaan; voor mensen die hier wel nostalgische gevoelens bij hebben is hier een link naar afleveringen van deze serie (en ook van andere series van vroeger, al werken ze helaas niet allemaal).

Metronoom

Als ik zing vind ik het vaak moeilijk om het tempo vast te houden. Bij iets wat niet zo goed ken heb ik de neiging om te vertragen en bij vrolijke, bekende stukjes is de kans groot dat ik even lekker doorstoom. Dat blijkt trouwens meer voor te komen, want ik hoor regelmatig de waarschuwing ‘niet jagen’ en ook zit ik wel eens met gekromde tenen omdat ik bang ben dat een koor definitief uit de bocht zal vliegen.

Lees verder

Deftig

Na een seizoen van Heel Holland bakt heb ik altijd zin om zelf aan de slag te gaan. Deze keer wierp ik me op de kwarktaart. Nu is kwark heel gezond, maar een hele taart voor mij alleen is wat overdreven. Gelukkig heb ik een leuk kleine springvormpje (12cm doorsnee) en kon ik dus een kwart nemen van de hoeveelheden uit recepten. Dat deed me wel denken aan een oude kwestie: het onderscheid tussen een ‘taartje’ en een ‘gebakje’.

Lees verder

Collecteren

Deze week was de collecteweek van Amnesty International. De afgelopen twee jaren ben ik met een echte collectebus langs de huizen gegaan in een mij toegewezen wijk. Vorig jaar (2020) werd de collecte halverwege afgebroken vanwege corona, maar toen had ik mijn wijk al af. Volgens mij had ik die keer juist door de crisisdreiging meer opgehaald dan het jaar daarvoor: sommigen hadden zelfs papiergeld gegeven. Het inleveren van mijn bus ging moeizaam maar was superveilig geregeld; ik heb helaas nooit gehoord wat mijn opbrengst was.

Lees verder

Woordenschat: capaciteitenstelsel

Soms start mijn Van Dale op met een woord waarvan ik denk: eigenlijk moet ik me in dat onderwerp wat nader verdiepen. Dan maak ik een aantekening op een briefje, dat dan vervolgens blijft liggen. Dat gebeurde bij het woord ’capaciteitenstelsel’, waarbij ik aanvankelijk moest denken aan een of andere landbouwmethode, maar dat een kiesstelsel is. Nu we binnenkort weer mogen stemmen heb ik dat briefje weer tevoorschijn gehaald.

Lees verder