De graal

Eind april zag ik in de bioscoop een uitvoering van de opera Lohengrin in de New Yorkse Metropolitan Opera. De ‘ontknoping’ in deze opera van Wagner is (spoiler alert!) dat Lohengrin een graalridder is, de zoon van Parcival. Zijn naam moest eigenlijk ook geheim blijven, maar die was gezien de titel van het werk geen verrassing. Maar wat was die graal ook al weer?

Er stond me vaag bij dat de graal een mythische schaal was en dat Koning Arthur zijn ridders erop uit had gestuurd om die te zoeken. Dit leek me een mooie aanleiding om eindelijk het klassieke boek Li Contes del Graal van Chrétien de Troyes uit 1190 te lezen, in de rijmende vertaling van Ard Postuma uit 2006, De Graal. Die had ik enkele jaren geleden aangeschaft, maar lag nog steeds op de immer groeiende stapel ‘nog te lezen’.

Het boek gaat over de jonge Perceval (elders gespeld als Parsifal of Parzival), die een natuurtalent is als ridder. Perceval krijgt aan het begin van zijn carrière de graal te zien, een schaal of kelk:
 die zelf uit zuiver goud bestond
 en ingelegd was in het rond
 met edelstenen, van meer waarde
 dan alle andere op aarde.

Hij verzuimt echter zijn gastheer, de zieke Visserkoning, te vragen waaraan hij lijdt. Een paar jaar later komt hij weer in de graalburcht en deze keer stelt hij de vraag wel. De koning geneest en Perceval wordt de nieuwe graalkoning. Latere graalverhalen baseren zich meestal op dit onvoltooid gebleven boek van De Troyes, zoals Parzival van Wolfram von Eschenbach uit 1200-1210. Daarin staat ook het verhaal van Lohengrin (‘Loherangrin’) uit de opera van Wagner.

De Graal is een voorwerp met magische krachten. In de meeste verhalen is het een heilig christelijk reliek, namelijk de beker die Jezus bij het laatste avondmaal had gebruikt en waarin zijn bloed naderhand door Jozef van Arimathea werd opgevangen. De oorsprong van dergelijke magische voorwerpen is echter veel ouder dan het christendom. Daarom wordt de graal ook wel geassocieerd met Keltische elementen zoals de hoorn des overvloeds.

De term ‘heilige graal’ wordt ook overdrachtelijk gebruikt, voor een schijnbaar onbereikbaar doel. Zo werd supergeleiding onder alledaagse omstandigheden in de NRC van 23 april 2023 ‘de heilige graal van de natuurkunde’ genoemd. In een filmrecensie werd de heilige graal een MacGuffin gemoemd: een niet nader omschreven object waar personages achteraan gaan om het verhaal op gang  te brengen.

Een onnavolgbare zoektocht naar de graal, ten slotte, is te zien in de film Monty Python and the Holy Grail uit 1974, (ook op YouTube).

Relevante links met meer informatie zijn bijvoorbeeld:
Wikipedia – Heilige graal
Historiek.net: Heilige Graal – uitdrukking en betekenis

Humpiedumpie

Ik heb mezelf onlangs een boek cadeau gedaan: En weg was haar neus. Bakerrijmpjes / Nursery Rhymes. In deze tweetalige uitgave staan allerlei Engelse bakerrijmpjes, met op de rechterbladzijde een vertaling door Robbert-Jan Henkes. Hij schreef ook een toelichting, die ik met name geïnteresseerd heb doorgelezen bij het gedichtje over Humpty Dumpty.

Humpty Dumpty is een personage in Through the Looking-Glass, oftewel Alice in Spiegelland, het vervolg op Alice in Wonderland (1865/1871). Ik heb er eigenlijk nooit bij stilgestaan dat het rijmpje geen verzinsel van Lewis Carroll was. Het is al veel ouder: de eerste gepubliceerde versie dateert uit 1797, maar het moet volgens Henkes toen al eeuwen hebben bestaan.

 Humpty Dumpty sat on a wall,
 Humpty Dumpty had a great fall.
 All the king’s horses, and all the king’s men,
 Couldn’t put Humpty together again.

Oorspronkelijk is het een raadselrijmpje en de oplossing is meteen duidelijk uit de illustratie. In het Nederlands heeft Humpty Dumpty verschillende namen. In de Alice-vertaling van Nicolaas Matsier heet hij Wiggel Waggel en in de vertaling van Alfred Kossman (zie dbnl) Hompie Dompie.

Bij losse vertalingen van het versje in het Nederlands komen nog weer andere namen voor, zoals Hummeltje Tummeltje in Rijmpjes en versjes uit de ouden doos (zie dbnl):

In de vertaling van Robert-Jan Henkes heet hij Homptie-Domptie:

Homptie-Domptie zat op z’n kont
Homptie-Domptie viel op de grond,
En al de koninklijke paarden op heel de koninklijke aarde
Kregen Homptie niet meer rond.

Mijn interesse in juist dit versje komt voort uit een oude, vage herinnering. Toen ik een jaar of vier, vijf was speelde ik met poppen (ja, ja). Een ervan heette Humpiedumpie. En die is toen verdwenen, volgens mij is hij gestolen toen ik de poppenwagen ergens onbeheerd had laten staan. Ik weet niet in hoeverre dit een echte herinnering is, maar ik heb nog wel een vage voorstelling hoe hij eruit zag en hoe bedroefd ik toen was.

Maar mijn Humpiedumpie was geen ei!

Verschenen: Mukherjee – Het lied van de cel

Afgelopen week belde de postbode aan met een pakje. Ik had geen bestellingen lopen, dus ik was best nieuwsgierig. Het bleken drie presentexemplaren te zijn van Het lied van de cel, de vertaling van The Song of the Cell van Siddhartha Mukherjee, waaraan ik heb meegewerkt.

Het boek, uitgegeven door De Bezige Bij en met de ondertitel ‘Een onderzoek naar de geneeskunde en de nieuwe mens’, heeft zes delen: Ontdekking, De ene en de vele, Bloed, Kennis, Organen en Wedergeboorte. Ik heb het tweede deel vertaald, ‘De ene en de vele’. De andere twee vertalers, Pon Ruiter en René van Veen, hebben het leeuwendeel voor hun rekening genomen.

‘Mijn’ deel gaat over de inwendige anatomie van de cel, de reproductie van cellen, de bewerking van cellen en hoe cellen zich ontwikkelen tot een organisme. Mukherjee behandelt deze onderwerpen met veel aandacht voor de betrokken onderzoekers. Dat levert onderhoudende verhalen op, over onderwerpen als de ontwikkeling van ivf, de moeite om te verhinderen dat ‘thalidomide’, bij ons beter bekend als Softenon, op de Amerikaanse markt werd toegelaten als geneesmiddel, en het schandaal over de onverantwoorde bewerking van menselijke genen door He Jankui, die naderhand tot drie jaar gevangenisstraf werd veroordeeld.

Het ‘technische’ gedeelte bevat wel wat jargon, maar veel ervan was ik op de middelbare school al tegengekomen bij de biologieles, dus dat was meer een opfriscursus. En regelmatig biedt ook het internet uitkomst. De meeste problemen had ik bij de illustraties. In de door Mukherjee zelf getekende plaatjes had hij de onderdelen handmatig ingeschreven, in een kriebelig handschrift. Uiteindelijk was ik daar wel uitgekomen en ik heb die teksten ook netjes aangeleverd, maar in de eerste drukproef was het een rommeltje geworden. Uiteindelijk heeft de uitgeverij die ingeschreven teksten in het boek onvertaald gelaten, zag ik.

Nu ik het echte boek in handen heb ga ik het eindelijk in zijn geheel lezen, als gewone consument bij wijze van spreken. Daar was ik toen ik ermee bezig was namelijk niet aan toe gekomen en bovendien lees ik nog altijd liever van papier dan van een scherm.

Jaar van de tijger

Het komende jaar is volgens de Chinese astrologie het Jaar van de Tijger. Dat jaar begint op 1 februari 2022 en loopt door tot en met 21 januari 2023. Tijgers zijn volgens een van de vele horoscoopsites ‘vorstelijke, indrukwekkende en woeste wezens’, die helaas de negatieve eigenschap hebben dat ze ook vaak ‘impulsief, opstandig en opvliegend’ zijn. Het jaar van de Tijger wordt volgens Catharina Web dan ook ‘bont, fel en snel’. ‘Het kan een enerverend jaar worden. Gebeurtenissen volgen elkaar in een hoog tempo op en kunnen verstrekkende gevolgen hebben’.

Lees verder

Verschenen: Inzichten

In augustus is mijn nieuwste vertaling verschenen: Inzichten. De ontstaansgeschiedenis van ons gevoelsleven. Het is een vertaling van het boek Projections. A Story of Human Emotions van Karl Deisseroth. Half december vorig jaar kreeg ik het manuscript toegestuurd en half april heb ik de eerste versie van de vertaling ingeleverd. Daarna volgden nog wat correctierondes en enkele drukproeven, maar nu ligt het boek er.

Lees verder

Herlezen: oude sciencefiction – Asimov

In deze coronatijd sturen allerlei tijdschriften, boekhandels en uitgeverijen lijstjes met boeken die ze aanbevelen om de tijd door te komen. Daar doe ik niets mee want ik heb nog genoeg ongelezen boeken liggen. Ter ontspanning ben ik de laatste tijd echter vooral de escapeliteratuur aan het herlezen uit mijn twee gangkasten. Aanvankelijk wilde ik het volledige oeuvre van Stephen King herlezen, maar na meer dan tien boeken ligt dat even stil; zijn werk beslaat meerdere boekenplanken.

Lees verder

Herlezen – Metamorfosen van Ovidius

Aansluitend op de colleges over symboliek in de kunst heb ik de Metamorfosen van Ovidius opnieuw gelezen, in de prettig weg lezende vertaling van M. d’Hane-Scheltema. De verhalen over gedaanteverwisselingen werden vroeger vaak in de schilderkunst gebruikt en op die werken staan talloze nimfen, schone jongelingen en allerlei goden met hun eigen attributen, zoals de adelaar van Jupiter, de ‘elegante vleugelschoenen’ van boodschapper Hermes en de ‘goudgekleurde wagen’ van Aurora. Lees verder