Keramiek: mijn mok

Zoals ik in het blog over de keramiektentoonstelling had aangekondigd kreeg ik de mogelijkheid om in een keramiekworkshop voor medewerkers en vrijwilligers van De Bieslandhof een eigen mok te maken. Op 18 juni was het zover en kon ik in de serre van de Bieslandhof aanschuiven. Met een duidelijke handleiding en wat concrete aanwijzingen ging ik aan de slag en na een uur was mijn mok klaar.

Ik had hem een honingraatpatroon gegeven. Voor het aanbrengen van dergelijke patronen zijn er speciale hulpmiddelen, een soort mini-deegrollers. Er waren best veel deelnemers en om te weten welke mok van wie was prikten we in de bodem met een satéprikker onze naam.


Het ‘halffabrikaat’ moest nu eerst gebakken worden. Dat duurde even, want zo’n oven gaat natuurlijk alleen aan voor grotere aantallen werken-in-wording dan alleen mijn mokje. Ik was vooral heel benieuwd of mijn ‘oor’ het verblijf in de oven zou overleven, want dat was aan de kom vastgeplakt met ‘slib’, een mengsel van klei en water.

Op 9 juli bleek dat mijn mok heelhuids uit de oven was gekomen en kon ik beginnen met de volgende fase: glazuren. Met een penseel breng je een dunne, glasachtige glazuurlaag aan op gebakken aardewerk. Die laag beschermt het aardewerk en maakt het minder poreus, zodat je er vloeistof (thee, bijvoorbeeld) in kunt doen zonder dat het gaat lekken. De pigmenten waarmee je schildert lossen niet op in het papje, dus je moet wel steeds blijven roeren. Hoe de kleuren er uiteindelijk uit gaan zien blijft een verrassing, want die worden pas zichtbaar als de mok nogmaals in de oven is gebakken.


Pas na de tweede ovensessie is de mok helemaal af en gebruiksklaar. Ik moest dus weer een maandje wachten, maar op 5 augustus was het zover en kon ik mijn mok mee naar huis nemen. Het is een glanzende beauty geworden en ik ben er best een beetje trots op.


Heb ik er nu een nieuwe hobby bij? Ik vond het leuk om te doen, maar de wachttijd tussendoor schrikt me af en een oven en alle andere toebehoren heb ik ook niet direct bij de hand. Bij schilderen of handwerken zie je het werk onder je handen gaandeweg ontstaan en groeien. Maar als de gelegenheid zich voordoet wil ik best nog wel eens een poging wagen.

1 Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *